Stel je voor: je staat voor een kale muur. Een leeg canvas. Dat klinkt misschien een beetje saai, maar ik zie het als een uitnodiging. Een kans om jouw persoonlijke stijl en warmte in je huis te brengen. En wat is er nu mooier dan die transformatie met behang? Behangen lijkt soms een klus voor professionals, iets ingewikkelds waar je tegenop ziet. Maar geloof me, met de juiste voorbereiding en een beetje geduld, tover jij die kale muur om tot een sfeervol pronkstuk. In dit artikel neem ik je stap voor stap mee door het proces. We duiken samen in de magie van behangen en maken jouw project een succes.
De voorbereiding: de basis van jouw succes
Elk groot project begint met een goede basis. Dit geldt zeker voor behangen. Als je deze fase overslaat, loop je het risico op teleurstellingen, zoals luchtbellen of scheef hangende banen. Neem hier echt de tijd voor. Jouw tevredenheid hangt af van deze voorbereiding.
Muur klaarmaken voor het behang
Een perfecte ondergrond is essentieel. Je kunt niet zomaar over een vieze, ongelijke of glanzende muur heen plakken. Wat moet er gebeuren? Eerst verwijder je oud behang. Gebruik hiervoor een stoomapparaat of een behangafweekmiddel. Dit is vaak het meest tijdrovende werk, maar noodzakelijk. Zorg dat er geen lijmresten achterblijven. Vervolgens inspecteer je de muur op oneffenheden. Gaten en scheuren vul je op met een geschikt vulmiddel. Laat dit goed drogen en schuur het glad. Een glad oppervlak zorgt ervoor dat jouw nieuwe behang straks prachtig aansluit.
Daarna komt de primer, of voorstrijk. Dit klinkt misschien als een extra stap, maar het is cruciaal. Voorstrijk egaliseert de zuigkracht van de muur. Dit voorkomt dat de lijm te snel intrekt en dat je banen gaat zien. Vooral bij nieuw gestucte muren of sterk absorberende ondergronden is dit onmisbaar. Een goed geprimerde muur is jouw geheime wapen voor strak behang.
Het juiste behang en de lijm kiezen
Welk type behang ga je gebruiken? Tegenwoordig heb je veel keuzes. Je hebt vliesbehang, dat erg populair is. Vliesbehang is sterk en makkelijk te verwerken. Je smeert de lijm direct op de muur, wat het aanbrengen vereenvoudigt. Papieren behang daarentegen vraagt om lijmen op de achterkant van het behangpapier zelf. Lees altijd de instructies op de verpakking goed door. Ze geven je specifieke adviezen over de droogtijd van het inweken en het soort lijm.
Kies ook de juiste lijm. Gebruik je vliesbehang? Koop dan vliesbehanglijm. Gebruik je papierbehang? Kies dan behangplaksel geschikt voor papier. Een verkeerde lijm kan ervoor zorgen dat je behang loslaat of vlekken vertoont. Dit wil je natuurlijk voorkomen.
Het meten en snijden: nauwkeurigheid loont
Nu het leuke werk begint: het behang zelf. Precisie is hier je beste vriend. Je wilt dat de patronen naadloos in elkaar overlopen en dat de banen perfect recht hangen. Dit vraagt om een goede planning, en voor gedetailleerde instructies kun je het beste kijken hoe je het beste kunt zelf behangt en schildert.
Bepaal de startplek
Waar begin je met behangen? De meest voorkomende fout is starten in een hoek. Een hoek is zelden perfect recht. Wat je beter doet, is een onopvallende plek zoeken of een muur die niet direct in het oog springt. Vaak is dit de muur tegenover de deur. Teken vanaf dit startpunt een perfect verticale lijn. Gebruik hiervoor een waterpas of een schietlood. Deze loodlijn is jouw leidraad voor de eerste baan en voorkomt dat je halverwege scheef hangt.
Banen afmeten en snijden
Meet de hoogte van de muur en tel hier ongeveer 10 centimeter bij op. Deze extra lengte heb je nodig voor het afwerken van de boven- en onderkant. Snijd de baan voorzichtig af. Bij behang met een patroon is het cruciaal om de ‘aansluiting’ of ‘doorlopend patroon’ te controleren. Leg de volgende baan naast de eerste en zorg dat het patroon exact klopt. Dit heet het ‘aanzetten’ van het patroon. Bij sommige patronen verlies je meer behang doordat je steeds een stukje moet wegsnijden om de aansluiting te krijgen. Houd hier rekening mee bij de berekening van het benodigde aantal rollen.
Het aanbrengen: de lijm en de baan
Dit is het moment van de waarheid. Haal diep adem. Zelfs als je vliesbehang gebruikt en de lijm op de muur gaat, is een goede techniek belangrijk voor een strak resultaat.
Lijmen en inweken
Als je papierbehang gebruikt, smeer je de achterkant royaal in met behangplaksel. Zorg dat alle randen bedekt zijn, maar vermijd dikke klodders. Vouw de natte baan dubbel, met de gelijmde kanten naar elkaar toe, zonder de vouw scherp te drukken. Laat het behang nu even inweken. Hoe lang? Dat lees je op de verpakking. Dit inweken zorgt ervoor dat het papier zich zet en niet krimpt nadat het op de muur zit. Dit is een stap die veel beginners overslaan.
Bij vliesbehang smeer je de muur in. Werk in secties, zodat de lijm niet opdroogt voordat je het behang aanbrengt. De baan lijm je direct op de natte lijmlaag op de muur.
De eerste baan plaatsen
Hang de eerste baan op, beginnend bij jouw getrokken loodlijn. Laat de extra centimeters aan de bovenkant en onderkant een stukje over de plint of het plafond vallen. Druk het behang zachtjes aan. Gebruik hiervoor een zachte behastrijker of een speciale kunststof spatel. Werk vanuit het midden naar de randen toe. Dit duwen en strijken zorgt ervoor dat luchtbellen verdwijnen. Je kunt de baan nog een paar minuten verschuiven om hem perfect recht te krijgen tegen de loodlijn aan. Voor meer diepgaande adviezen over het zelf behangen kun je terecht bij onze tips en inspiratie voor zelf behangen.
De volgende banen aanbrengen
De tweede baan komt direct naast de eerste. Bij papierbehang ‘top-tegen-top’ aanbrengen, dit betekent dat de randen elkaar net raken, zonder overlap. Als je vliesbehang gebruikt, plak je ze ook naadloos tegen elkaar aan. Controleer bij elke nieuwe baan direct of het patroon nog klopt. Wees geduldig; het is beter om een baan even los te trekken en opnieuw te plakken dan genoegen te nemen met een scheve of ongelijke naad.
Afronden en afwerken
Nadat de banen vastzitten, neem je een schone, licht vochtige doek en veeg je voorzichtig de overtollige lijm van de naden. Doe dit direct, want opgedroogde lijm is moeilijker te verwijderen en kan een glimmende plek achterlaten op je behang.
Nu de randen. Met een scherp afbreekmes en een plamuurmes snijd je het overtollige behang langs het plafond, de plint en rond kozijnen weg. Gebruik het plamuurmes als geleider en druk het mes zachtjes aan. Een scherp mes voorkomt rafelen. Vergeet niet om direct rond stopcontacten en lichtschakelaars het behang uit te snijden. Draai eerst de stroom eraf!
Veelgestelde vragen over behangen
Veel mensen hebben na het lezen nog een paar praktische vragen over dit proces. Hieronder vind je antwoorden op de meest voorkomende zorgen.
- Hoe lang moet ik wachten met schilderen na behangen? Wacht met schilderen tot het behang volledig droog is. Dit kan, afhankelijk van de luchtvochtigheid en het type behang, tussen de 24 en 48 uur duren. Te snel schilderen kan leiden tot scheuren of blaasvorming.
- Wat doe ik als ik luchtbellen zie nadat het behang droog is? Kleine belletjes verdwijnen vaak als het behang verder droogt. Als er na twee dagen nog steeds een grote bel zit, kun je deze voorzichtig doorprikken met een heel klein naaldje en de lucht eruit drukken. Druk het behang daarna stevig aan.
- Moet ik altijd een loodlijn gebruiken? Ja, zeker als je de eerste keer behangt. Zelfs als een muur er recht uitziet, is deze dat zelden. De loodlijn garandeert dat de eerste baan perfect verticaal hangt, wat de basis vormt voor al het volgende werk.







